Nieuwe producten met dezelfde levensduur als nieuw hout door het Kennis- en Innovatienetwerk Circulair Bouwen 

Met meer dan 80 leden, waaronder alle Zeeuwse gemeenten, werkt het Kennis- en Innovatienetwerk Circulair Bouwen aan het sluiten van de keten – zoals bijvoorbeeld het ontwerpen van circulaire kozijnen – en het ontwikkelen van circulaire bouwmethoden. In Serooskerke is bijvoorbeeld voor het eerst in Nederland op deze schaal bewezen dat stro industrieel kan worden ingeblazen in prefab houtskeletbouwelementen, volledig volgens de geldende bouwnormen. Een belangrijke doorbraak: stro-isolatie is klaar voor toepassing in de praktijk.

Binnen het Kennis- en Innovatienetwerk werken uiteenlopende partijen samen, variërend van kennisinstellingen en overheden tot koplopende bedrijven zoals DW Prefab. Deze brede samenwerking maakt het mogelijk om innovaties niet alleen te ontwikkelen, maar ook daadwerkelijk in de praktijk toe te passen en op te schalen.

“Het is bijzonder om te zien dat stro, een lokaal en hernieuwbaar materiaal, nu ook industrieel kan worden toegepast,” zegt Niels de Visser van DW Prefab. “Voor ons is dit een grote stap richting gecertificeerde, biobased prefab bouwsystemen met grondstoffen uit onze eigen regio.” 

Voor het eerst wordt Zeeuws stro uit de landbouw gebruikt in een industrieel prefab bouwproces. De impact is groot. Landbouw, verwerking en bouw worden verbonden in één regionale keten. Dat zorgt voor nieuwe verdienmodellen, extra werkgelegenheid en meer waarde in de regio. Stro is lokaal beschikbaar, vraagt minder transport en past in industriële prefab processen. Stro krijgt zo een tweede leven als hoogwaardig bouwmateriaal – goed voor de economie én het milieu.

Stro slaat namelijk tijdens de groei CO₂ op. Door het te gebruiken als isolatiemateriaal blijft die CO₂ opgeslagen in gebouwen. Tegelijk vervangt het materialen met een hoge uitstoot, zoals glaswol, steenwol en fossiele schuimen. Zo ontstaat dubbele winst: minder uitstoot én opslag van CO₂. Bij het isoleren van een dak van een rijtjeswoning kan dit over de hele levensduur zo’n 2 ton CO₂ besparen.

Ook het materiaalgebruik verandert. In plaats van nieuwe, primaire grondstoffen wordt een agrarische reststroom hoogwaardig ingezet. Dat betekent minder gebruik van minerale en fossiele materialen.